Nederland kan de strijd om ideeën niet aan

Hoewel politiek, media en opiniemakers regelmatig beweren dat Nederland een volwassen, vitale democratie is waarin ongewenste ideeën met ideeën bestreden worden, blijkt uit de praktijk dat Nederland helemaal niet opgewassen is tegen het alternatieve wereldbeeld dat de islam presenteert.

Praktijkvoorbeelden die aantonen dat Nederland te zwak is om de ideologische strijd met de islam aan te gaan zijn talrijk. Zo blokkeren politiek en media doelbewust een representatieve vertegenwoordiging van moslims in het publieke debat, onder het mom dat men geen podium wil bieden aan ‘orthodoxe’ moslims. Hoe wil men de strijd om ideeën dan voeren? Er wordt doelbewust slechts podium geboden aan die moslims die de dominante opvattingen in de samenleving bevestigen, niet aan degenen die ze in twijfel durven te trekken.

Daarnaast bewijst de eenzijdigheid waarmee media verslag doen, dat ze het niet aandurven om aandacht te besteden aan de rationele onderbouwing van de opvattingen van moslims. Want stel dat die 'radicale’ lui een goed verhaal hebben?

Tevens wordt veel van de berichtgeving over moslims nog steeds gebaseerd op mythes die niet gestaafd worden door cijfers. Zo blijft men resoluut beweren dat moslims gewelddadig zijn tegen homo’s, terwijl een onderzoek onlangs uitwees dat het merendeel van de homohaat van blanke Nederlanders afkomstig is. Zo ook moest onlangs een onderzoek worden overgedaan omdat het onterecht stelde dat een groot percentage van moslims antisemitisch was. Ondanks deze discrepantie tussen realiteit en berichtgeving, blijven politici en media hun uitspraken baseren op deze mythes, en dit betekent niets meer dan dat Nederland te zwak is om een écht debat aan te gaan.

Bovendien zien we in de praktijk dat andersdenkende moslims niet met ideeën bestreden worden maar met repressie. Al meer dan een jaar zitten er moslims op de TerroristenAfdelingen in Vught en Rotterdam terwijl de aanklacht tegen hen niet verder reikt dan geloofsuitingen. Als hun opvattingen ongewenst zijn, waarom wordt het debat dan niet met hen aangegaan om ze op andere gedachten te brengen? Waarom reageert men met de strengste maatregelen op iemand die zich slechts schuldig heeft gemaakt aan het uiten van zijn geloof?

Tot slot, een ander voorbeeld dat de zwakte van Nederland in de ideeënstrijd aantoont, zijn de kwalificaties waarmee andersdenkende moslims worden weggezet. De anti-islambrigade in Nederland mag onder het mom van vrijheid van meningsuiting allerlei kwalijke dingen zeggen over de islam. Maar als de moslim op grond van historische voorbeelden of goed onderbouwde analyses kritiek levert op democratie of andere aspecten van de westerse samenleving, wordt hij gediskwalificeerd als anti-democratisch en worden zijn opvattingen weggezet als anti-integratief. Op deze manier worden zijn standpunten bij voorbaat gecriminaliseerd, zonder op de inhoud te hoeven ingaan. En dit is zonder twijfel een teken dat men een eerlijk en inhoudelijk debat niet aandurft.

Het wordt echter tijd dat Nederland zich gaat opmaken voor een echte ideeënstrijd. Het meest zure over de islam is al gezegd, dus de munitie aan de andere kant begint op te geraken. Het is nu tijd voor de islam om in actie te komen. En die actie zal bestaan uit een daverende counter op de leugens en misvattingen die men over de islam verspreidt, en het aanzwengelen van een uitdagende discussie over de vermeende superioriteit van westerse waarden.

Abou Hafs